Reizen

10 x verliefd op Sardinië


,,Groeten aan de maffia hè?” zei praktisch iedereen toen Jelm en ik vorig jaar lente vertelden dat we naar Sardinië op vakantie gingen. Bijna niemand uit onze omgeving had ooit van dit Italiaanse eiland gehoord en de verwarring met het veel bekendere Sicilië was dan ook groot. Toch is Sardinië zeker de moeite waard om eens te bezoeken. Het eiland heeft veel te bieden en stal ons hart. Vandaag geef ik tien redenen waarom wij Sardinië aanraden, vergezeld met veel instagram-plaatjes, want het eiland is zo fotogeniek!

1. Strand

Op Sardinië vind je prachtige stranden. Het eiland telt bijna 2000 km kust, dus aan stranden geen gebrek. Sardinië noemen ze weleens de Caribbean of Europe en als je met je billen in het zand zit en tuurt naar het azuurblauwe water, dan kun je niet anders dan concluderen dat die bijnaam niet zomaar uit de lucht gegrepen is. Jelm en ik hebben meerdere stranden bezocht. Onder andere Santa Caterina di Pittinuri (west-kust), Spiaggia di Tuerredda (zuid-kust), Spiaggia La Cinta (noord-oostkust) en Spiaggia di Capo Coda Cavallo (noord-oostkust). Ze waren allemaal prachtig, maar vooral Spiaggia di Capo Coda Cavallo en Spiaggia di Tuerredda vond ik erg mooi. Als je in het hoogseizoen op vakantie bent kan het behoorlijk druk zijn op de stranden, maar toen wij er waren (in september), was het overal heerlijk rustig. September is sowieso een goede maand om Sardinië te bezoeken. In de zomer kan het namelijk onprettig warm zijn. In september is het doorgaans nog steeds lekker warm, maar niet meer bloedheet. Wel kan het af en toe behoorlijk regenen.
sardinie-5Spiaggia di Capo Coda Cavallo.
strand-via-facebook-2
Spiaggia di Capo Coda Cavallo.sardinie-7
Spiaggia di Capo Coda Cavallo.
sardinie-6
Spiaggia La Cinta.
sardinie-34
Spiaggia di Tuerredda.

2. Toeren

Tochtjes maken in de auto is geweldig op Sardinië, huur dus zeker een auto. Het eiland is verrassend groot, daar verkeken wij ons in eerste instantie op. Sardinië is iets groter dan de helft van Nederland. Er zijn een aantal snelwegen en die zijn handig als je een langere afstand wilt afleggen. Wij zaten in het noorden en wilden graag de hoofdstad Cagliari bezoeken, die helemaal in het zuiden ligt. Toen hebben we over de snelweg gecrosst en waren we er na ongeveer twee uur reizen. Maar wat we nog veel liever deden was over de kleine weggetjes rijden door de bergen en langs de kust. Dat was zo genieten! Het uitzicht, de ondergaande zon, ik denk er nog vaak aan terug. Ook is het fascinerend om door piepkleine dorpjes te rijden waar de tijd stilgestaan lijkt te hebben. Zo’n dorpje telt vaak enkele huizen, een apotheek, een klein winkeltje met wat eten, soms nog een klein cafeetje en verder vooral veel geiten. En vaak zijn die paar winkels ook nog gesloten tussen de middag. Neem dus altijd wat proviand mee voor onderweg.
toeren
sardinie-9

3. Dorpjes en stadjes

Sardinië telt vele schattige dorpjes en stadjes. De hoofdstad, Cagliari, vonden wij niet echt een must-see, maar plekjes als Alghero en Bosa des te meer. Vooral Bosa heeft mijn hart gestolen. Bosa is een klein stadje met vele gekleurde huisjes en smalle straatjes en ligt aan een rivier. Het Malaspina kasteel stijgt boven het stadje uit. Dit kasteel kun je bezoeken en vanaf daar heb je heel mooi uitzicht over het stadje, de zee en de omliggende vallei. Met daglicht is het genieten van alle pastelkleurige huisjes, maar in het donker is het al helemaal sprookjesachtig mooi. Het is een feestje om in Bosa uit eten te gaan. Niet per se vanwege het eten, daarover later meer, maar vooral vanwege de sfeer. Het krioelt van de kleine straatjes en steegjes en als je daar doorheen loopt vind je vaak de schattigste restaurantjes op kleine pleintjes waar je ze niet meer verwacht. Het was echt ontzettend leuk om ‘s avonds door die kleine straatjes en hofjes te dwalen op zoek naar een eettentje. Ook hebben we het karakteristieke kuststadje Castelsardo bezocht, helemaal in het noorden van het eiland en hebben we een bezoekje gebracht aan het dorpje Santu Lussurgiu, dat zich bevindt op een uitgestorven vulkaan.
sardinie-1
De hoofdstad Gagliari.
sardinie-13
De hoofdstad Gagliari.
bosa-straatjes
Een straatje in Bosa.
bosa-bij-nacht
‘s Avonds op zoek naar een restaurantje in de kleine straatjes van Bosa.
sardinie-4
Het uitzicht vanaf het Malaspina kasteel in Bosa. sardinie-20
De oude stadsmuur van Alghero. 
sardinie-27
Castelsardo.
sardinie-29
Castelsardo.
sardinie-30
Castelsardo.
sardinie-31
Castelsardo.
sardinie-32
Castelsardo.

4. Dolci

Italianen zijn goed in het maken van, zoals ze het zelf noemen, dolci. Het is een aanrader om wat van de vele zoetigheden te proeven als je op het eiland bent. Toen Jelm en ik in Alghero waren hebben we een bezoekje gebracht aan Pasticceria Bon Bons. We werden geholpen door een stokoude vrouw die er haar hand niet voor omdraaide om diep door de knieën te gaan en allerlei lekkere zoetigheden voor ons uit de vitrines te plukken. We konden elkaar niet verstaan, maar we mochten alles proeven. Super leuk!
sardinie-22 sardinie-21

5. Seadas

Nu we het toch over zoetigheden hebben… Als je op Sardinië bent moet je absoluut Seadas gegeten hebben. Dit is een typisch Sardijns nagerecht. Ik at het voor het eerst in een van de kleine restaurantjes in Bosa, en ik moet toegeven, het was vooral omdat er verder amper nagerechten op de kaart stonden en ik per se een toetje wilde. Een seada is een gefrituurd pasteitje gevuld met kaas (pecorino of ricotta) en overgoten met honing. In een enkel restaurant doen ze er ook poedersuiker bij. Het klonk me eerst niet zo aanlokkelijk in de oren, een zoetig kaaspasteitje, maar ik heb het uiteindelijk bij bijna elk dinertje besteld. Heel erg lekker!

6. Wilde paarden

Midden op het eiland vind je een groot vulkanisch tafelgebergte (di Giara di Gésturi) dat zich boven het omliggende platteland verheft. Deze afgelegen hoogvlakte is een bezoekje waard, want er dwalen wilde paarden rond. Ook is het uitzicht vanaf de hoogvlakte erg mooi. Jelm en ik hebben helaas geen wild paard gezien, maar de vele drollen vormden wel het bewijs van de aanwezigheid van deze wilde dieren. Als ik weer eens naar Sardinië ga, wil ik nog een poging wagen.

7. Luxe

Op vakantie vind ik het altijd leuk om een uurtje langs luxe boetiekjes te slenteren en te loeren naar luxe spullen. Op Sardinië kun je daarvoor terecht in het mondaine plaatsje Porto Cervo, in het noorden van het eiland. Hier vind je allerlei luxe merken en kun je je vergapen aan peperdure boten. Het is leuk om daar een drankje te drinken en naar de voorbijkomende mensen te gluren.
sardinie-23

8. Overnachten

Ik had gelezen dat ‘agriturismi’ tot de mooiste overnachtingsadressen op het eiland gelden. Dit zijn landhuizen of boerderijen in een landelijke omgeving, weg van de drukte, maar met volop comfort. Je kunt hier een kamer boeken. Ook zijn er veel B&B’s op Sardinië te vinden. Meestal kiezen we voor een hotel, maar we besloten dit keer voor een kleinschaligere optie te gaan. En daar hebben we geen spijt van gehad. We hebben onze eerste nachten doorgebracht in Pessighette Dimora Di Campagna, net buiten het stadje Bosa. Je komt terecht in een vrijstaand huis in een schitterende vallei. Naast het huis ligt een wijngaard. Deze bed-en-breakfast wordt gerund door een hoogopgeleid stel dat hun veeleisende banen in het drukke Milaan is ontvlucht en nu leeft van het toerisme en het maken van wijn. De mannelijke eigenaar is in dit huis opgegroeid. Ze verhuren drie kamers op de bovenste verdieping. Zelf leven ze op de begane grond, samen met hun zoontje. De kamers zijn ruimer dan menig hotelkamer en de badkamer was ook keurig en ruim. We hebben het hier heel leuk gehad. ‘s Morgens werd het ontbijt geserveerd in een ruimte naast hun privékeuken met daarin een grote tafel. Andere gasten konden ook aanschuiven en dat was best een bijzondere ervaring. De eigenaar van het landhuis weet veel te vertellen over het eiland en geeft goede tips. Onze laatste nachten hebben we doorgebracht in Country Hotel Vessus vlakbij Algerho. Dit oude landhuis ligt middenin een olijfboomgaard. Er zijn elf kamers en ook is er een zwembad. We vonden dit iets minder authentiek dan ons plekje in de vallei in Bosa, maar ook dit was zeker geen verkeerde plek.
accomodatie-bosa
Pessighette Dimora Di Campagna, net buiten Bosa.
sardinie-15
Onze kamer in Pessighette Dimora Di Campagna.sardinie-17
De naastgelegen wijngaard.
sardinie-18
Het uitzicht vanaf Pessighette Dimora Di Campagna.
sardinie-19
Het uitzicht vanaf Pessighette Dimora Di Campagna.
vessus
Country Hotel Vessus, vlakbij Alghero.
olijfboomgaard-country-house-vessus
De olijfboomgaard waarin Country Hotel Vessus gelegen is.

9. Traplopen aan zee

Bij Alghero vind je druipsteengrotten, Grotta di Nettuno. De druipsteengrotten zelf zijn geen aanrader; het is een toeristische melkkoe. Met veel te veel mensen tegelijk word je door de grotten geloodst. De achterste bezoekers kunnen de gids niet meer zien en verstaan. Toen wij er waren is een mevrouw zelfs spinnijdig weggelopen. Laat deze grotten dus aan je voorbijgaan. Wat wél een aanrader is, zijn de trappen naar de grotten toe. Die lopen pal langs de zee en de rotsen en het is een bijzondere ervaring om daar langs te lopen. Het is wel een hele klim, vooral als het warm is, maar zeker de moeite waard.
sardinie-24
sardinie-25

10. Rust

Het eiland is vooral geliefd door Duitse, Engelse en Franse toeristen. Je komt er dus relatief weinig Nederlanders tegen, en dat is ook wel een keertje lekker. Verder is Sardinië heel dunbevolkt en dus is het een heerlijk eiland om tot rust te komen en te genieten van de natuur. Echt goed winkelen kan je er niet, maar dat vind ik juist wel prettig op vakantie.
rust-3

Zo, dat was een lang en lovend verhaal over dit schitterende eiland. Maar helemaal perfect bestaat natuurlijk niet, dus bij dezen nog een klein stukje over wat ik minder geslaagd vond. Daar kan ik kort over zijn; het eten. Praktisch elke Nederlander murmelt altijd over het heerlijke Italiaanse eten, maar wij konden aan het einde van onze vakantie op dit Italiaanse eiland nou niet echt zeggen dat we spectaculair lekker gegeten hebben. Het eiland is heel erg op vis georiënteerd, dus als je hiervan houdt zul je het eten waarschijnlijk meer kunnen waarderen. Jelm en ik zijn echter geen hele grote visliefhebbers. Soms spraken alle hoofdgerechten me niet echt aan en hield ik het alleen bij een voorgerecht, zoals wat ravioli of een andere pasta. Ook kregen we elke keer een mandje kurkdroog brood op tafel. En als je dat op had, kreeg je er acuut weer eentje. Ik heb geen enkel lekker smeerseltje, of tapenade gezien. Dat doen wij Nederlanders dan toch een stuk beter. En als ze salade serveren, dan gooien ze daar drie stukjes tomaat op en dat was het wel. Geen dressing, geen croutons, geen mooie opmaak. Erg verfijnd vonden we het niet. En het is blijkbaar de bedoeling dat je alles in één keer besteld. Na het hoofdgerecht is het niet gebruikelijk dat er nog iemand langskomt om te vragen of je nog een dessert wilt. In een restaurantje lieten we ons verrassen door een of andere typische Sardijnse specialiteit. Het was mijn voorgerecht en bij mijn hoofdgerecht kwam het nogmaals voorbij. Het bleek heel erg sterk gezouten varkensvlees te zijn. Alsof je hond had overgeven. Zo ongelofelijk vies. We kregen er ontzettend de slappe lach van. Zonde van het geld, maar wel echt hilarisch. Dus voor het eten zou ik niet per se terugkeren, maar voor al het andere wat het eiland te bieden heeft absoluut wel.

Het is mijn droom om nog eens terug te gaan, ditmaal samen met Hermie, en lekker te genieten van de mooie natuur. Of het haalbaar is om een hond mee te nemen en of de Italianen daarop zitten te wachten weet ik nog niet, maar daar ga ik me in verdiepen. En anders ga ik alleen met Jelm terug, want we willen sowieso nogmaals in een autootje over dit prachtige eiland cruisen.

 


Dit vind je denk ik ook leuk:

2 Comments

  • Reply
    enigma
    31 juli 2019 at 14:06

    Zalig eiland, prachtige stranden, de kleuren en geuren… Net terug van een rondreis van 3 weken. Mijn reisdagboek is hier te vinden : https://y.is/Ysq8I

    • Reply
      Truusje
      31 juli 2019 at 14:42

      Oh, wat heerlijk, drie weken! Ik hoop volgend jaar opnieuw naar Sardinië te gaan, dan willen wij ook een rondreis maken. 🙂

    Laat een berichtje achter